Gentse pijpenmakers aan het werk

Tijdens het Ancien Régime vestigden zich reeds pijpenbakkers in Gent. Uit de 17de eeuw kennen we de vraag van Gentenaar J.B. Moerman aan het stadsbestuur om het alleenrecht op de productie van kleipijpjes te verkrijgen in Gent. Dit verzoekschrift uit 1630 werd door het stadsbestuur negatief beantwoord aangezien het de broodwinning van een ruimere groep mensen die met de verkoop en productie van pijpen zijn bestaan verdiende in gevaar zou brengen. Ook stelde men dat de ‘nieuwigheid’ van het pijpenbakken er voor Gent en omstreken al een beetje af was.

Enkele jaren later, in 1665, betaalde het stadsbestuur wel een behoorlijke som aan pijpenbakker Jan Tradenius waarvan door het stadsbestuur wordt gesteld dat hij het bakken van pijpen in Gent zou hebben geïntroduceerd.

Lees verder Gentse pijpenmakers aan het werk

Pijpjargon

Een pijp bestaat uit een aantal vaste onderdelen elk met een eigen specifieke benaming. Voor de pijpoloog en ook voor de lezer van deze blog is het belangrijk de juiste terminologie te kennen en te gebruiken. Dit schept duidelijkheid en voorkomt verwarring.

Vooraleer jullie verder mee te nemen in de wereld van de kleipijp, belichten we in dit bericht kort de voornaamste onderdelen van een pijp en benoemen we ze met naam en toenaam.

Lees verder Pijpjargon

Als intro: kleipijpjes uit de bodem, een schat aan informatie

Archeologen vinden kleipijpjes vrijwel wereldwijd terug op vindplaatsen uit de 17de  tot de 20ste eeuw. Het zijn erg kleine objecten met weinig geldelijke waarde en daarom worden kleipijpjes vaak over het hoofd gezien. Nochtans zijn het erg herkenbare artefacten die een schat aan informatie bieden.

Dit bericht geldt als eerste kennismaking met ons project ‘Gentse kleipijpjes’ en met de kleipijp als unieke bron voor het verleden.

Lees verder Als intro: kleipijpjes uit de bodem, een schat aan informatie