Een pijpje voor de extreme roker: ‘the Real Asbestos’

Roken is ongezond, daar is iedereen het ondertussen wel over eens. Dit was ooit anders. Vandaag stevenen we dan wel af op een rookvrije samenleving, maar in de jaren 1970 – nog niet zo lang geleden – rookte nog zo’n 50% van de volwassenen op regelmatige basis tabak. Een vergelijkbare mentaliteitsverandering stellen we de laatste jaren vast als het om asbest gaat. Tussen de jaren 1940 en 1980 werd asbest verwerkt in zowat alles wat je kan voorstellen: in bouwmaterialen, maar ook bijvoorbeeld in cosmetica, kleding en sigarettenfilters. Dat asbest schadelijk is voor de gezondheid werd pas veel later schoorvoetend erkend, en nog maar recentelijk worden asbestproducten met de grootste zorg behandeld wegens het gevaar voor dodelijke longziekten.

Dat men vroeger niet wakker lag van de gevaren van roken en asbest, wordt bevestigd door de populariteit van de asbestpijp eind 19de en begin 20ste eeuw. Het was een haast onbreekbaar en onverslijtbaar kwaliteitsproduct; wijdverspreid en ‘in daily use throughout the civilized world’ volgens sommige publiciteitsaffiches; maar dankzij de combinatie tabak-asbest helaas niet zonder gevolgen voor de gezondheid van de gebruiker…

Asbest is een natuurlijk mineralogisch product bestaande uit taaie, onbrandbare vezels. Het zit vervat in gesteente en wordt gewonnen als delfstof. Al sinds de Oudheid wordt asbest ook geroemd omwille van zijn brandwerende eigenschappen. Het is dan ook niet verwonderlijk dat asbest na verloop van tijd werd aangewend in de tabakspijpindustrie. Eens verwerkt maakt asbest producten licht, sterk en slijtvast. Als grondstof was het in de 20ste eeuw bovendien spotgoedkoop. De Jackson Asbestos Manufacturing Company uit Birmingham – een van de grootste producenten van asbestpijpen aan het begin van de 20ste eeuw – laat niet na deze voordelen nauwkeurig op te sommen in haar reclamepamfletten.

Het is ook de Jackson Asbestos Manufacturing Company die een patent nam op de productie van asbestpijpen. Hun pijpen droegen de stempel ‘Real Asbestos – Jackson’s Patent’ en waren gemaakt van een mengeling van pijpaarde en asbest. In de marketing van de fabriek worden deze pijpen gepromoot als de beste op de markt en worden potentiële kopers gewaarschuwd voor goedkopere en minderwaardige imitaties. In Vlaanderen werden gelijkaardige pijpen geproduceerd bij Pijpenbakkerij De Bevere in Kortrijk waar ze werden gestempeld met ‘Real Asbestos – Best Quality’.

In de Gentse collectie werden tot nog toe twee asbestpijpen aangetroffen. De pijpen kwamen aan het licht tijdens archeologisch onderzoek langs de Sint-Bernadettestraat in Sint-Amandsberg. De vondsten bevonden zich in afvalpakketten die in verband kunnen worden gebracht met laat 19de- of vroeg 20ste-eeuwse bewoning. Het gaat in beide gevallen om een pijp met zogenaamde Dublinketel en een nikkelen of koperen bus waarin een caoutchouc insteeksteel werd gemonteerd. Het type Dublin verschijnt rond 1890 in de catalogi van de Europese pijpenmakers en blijft populair tot rond 1925. Het pijptype komt niet enkel voor in asbest, maar ook in de traditionele pijpaarde en wortelhout (bruyère).

Op geen van de Gentse asbestpijpjes is een stempel aanwezig of bewaard waardoor een herkomstbepaling erg moeilijk wordt. Eén van de pijpen betreft een vrijwel zwarte pijp met glanzend oppervlak. Dit type pijpen is terug te vinden in de catalogus van Pijpenbakkerij De Bevere uit Kortrijk onder de asbestospijpen van eerste kwaliteit, aangeduid met ‘zwarte’. De tweede pijp is minder goed bewaard maar daarom niet minder interessant. Door de degradatie in de bodem is de interne structuur van de pijpwand zichtbaar en de typische vezelvormige structuur van de asbest duidelijk te herkennen.